Een tweetalige trouwkaart kun je op twee manieren maken: één kaart waarop beide talen gelijkwaardig staan, of een aparte kaart per taal die je naar de juiste gasten stuurt. De eerste is eerlijk en overzichtelijk bij een korte tekst, de tweede is rustiger zodra er veel te vertellen valt of er meer dan twee talen meedoen.
De ene helft van de familie zegt “proost”, de andere helft “salud”, en jullie staan in het midden met een kaart die beide kanten moet bedienen. Dat is minder ingewikkeld dan het lijkt. Wel zit er meer gevoeligheid in dan je zou denken, want niemand wil de gast zijn die “de vertaling” krijgt.
Er is geen regel die het een of het ander voorschrijft. Het hangt af van hoeveel tekst er op de kaart moet, hoeveel talen er meedoen en hoe jullie gasten over de groepen verdeeld zijn. Een grove afweging:
| Eén kaart, twee talen | Een kaart per taal | |
|---|---|---|
| Werkt het best bij | Twee talen, korte tekst | Veel praktische info, of drie talen of meer |
| Gevoel bij gasten | Iedereen krijgt hetzelfde | Iedereen krijgt een kaart in de eigen taal |
| Lengte | Snel vol, dus kort houden | Ruimte voor een volledig programma |
| Iets veranderen | Eén keer aanpassen | Elke versie apart aanpassen |
| Lastig bij | Stellen die gasten met beide talen hebben | Gasten die tussen twee groepen in vallen |
Die laatste regel is de verraderlijkste. Bij aparte kaarten moet iemand bepalen wie welke versie krijgt, en dat gaat zelden mis bij oma in Sevilla, maar wel bij de neef die in Nederland is opgegroeid en een Spaanse achternaam heeft. Kies op basis van de taal die iemand het prettigst leest, niet op basis van zijn paspoort. Weet je het niet, dan vraag je het. Of je stuurt beide.
De meest gebruikte opzet is twee blokken onder elkaar, of naast elkaar als het ontwerp breed genoeg is. Geef beide talen hetzelfde lettertype en dezelfde grootte. Een kleine, schuine vertaling onder een grote Nederlandse tekst ziet eruit als een bijsluiter, en zo leest hij ook.
Dan de volgorde. Welke taal staat bovenaan? Er zijn een paar redelijke uitgangspunten: de taal van het land waar jullie trouwen, de taal van de meeste gasten, of de taal die jullie samen thuis spreken. Kies er één en houd het consequent. Tegen de familie die tweede staat, kun je zeggen dat ze het laatste woord heeft.
Je hoeft niet alles dubbel te schrijven. Jullie namen, de datum, de adressen en de tijden zijn in elke taal hetzelfde. Die kun je één keer groot neerzetten, met daaronder de uitnodigende zin in beide talen. Zo blijft de kaart ademen. Bijvoorbeeld:
“Wij gaan trouwen en willen dat graag met jullie vieren.
We’re getting married and would love to celebrate with you.”
Wat er verder allemaal op een trouwkaart hoort, van RSVP tot cadeautip, lees je in wat je op een trouwkaart zet. Bij een tweetalige kaart is het extra verleidelijk om alles te vermelden. Doe dat liever niet; wat niet op de kaart past, kan op een aparte pagina of in een los bericht.
Een vertaalprogramma kan veel, maar het weet niet dat jullie oom een hekel heeft aan formeel Duits. Wat in het Nederlands warm klinkt, wordt in een andere taal soms stijf of juist te amicaal. Laat de tekst daarom lezen door iemand die de taal als moedertaal spreekt, en liefst door iemand die jullie kent. Een schoonzus is daarvoor ideaal, zolang ze niet ook meteen de rest van de kaart wil herschrijven.
Een paar dingen die vaker misgaan dan je zou verwachten:
Zoek je inspiratie voor de Nederlandse tekst om van te vertrekken, kijk dan bij voorbeelden voor de trouwkaarttekst. Begin met een korte tekst; hoe korter het origineel, hoe minder er in de vertaling kan verdwalen.
Kiezen jullie voor aparte versies, dan maak je in feite twee (of drie) kaarten met hetzelfde ontwerp en dezelfde gegevens, en een tekst die per taal is geschreven in plaats van vertaald. Dat laatste is het voordeel: elke versie mag klinken als een gewone uitnodiging, zonder dat er een tweede tekst aan hangt.
De kaarten van trouwkaarten.online draaien op het EventInfo-platform, dat vijf talen ondersteunt: Nederlands, Engels, Duits, Spaans en Frans. Wil je meer talen bedienen, dan maak je per taal een aparte kaart in hetzelfde ontwerp en stuur je elke groep de eigen link. De vaste knoppen, zoals die voor RSVP en de route, staan dan in de taal van die kaart. Houd er wel rekening mee dat je een wijziging in elke versie apart doorvoert. Verschuift de ceremonie een halfuur, dan pas je het op elke kaart aan.
Trouwen jullie in het buitenland en komen er ook lokale gasten, dan is een kaart per taal vaak de handigste keuze. Wat er verder bij zo’n uitnodiging komt kijken, staat in trouwen in het buitenland: zo nodig je jullie gasten uit.
Een tweetalige kaart roept bij gasten de verwachting op dat ze de dag zelf ook kunnen volgen. Dat hoeft niet te betekenen dat alles wordt vertaald. Weddingplanner Mrs. Lake raadt bijvoorbeeld aan om het verloop van de ceremonie in beide talen uit te schrijven in het programmaboekje, zodat anderstalige gasten weten wat er gebeurt, ook als niet elk woord vertaald wordt. Ze wijst er ook op dat het per gemeente verschilt of een wettelijke ceremonie in een andere taal mag. Vraag dat dus op tijd na als jullie daaraan denken.
En de rest van de communicatie? Herinneringen, een wijziging in het programma, het bedankje na afloop: het helpt als die in dezelfde talen verschijnen als de kaart. Anders krijgt de helft van jullie gasten de bruiloft in stereo en de andere helft in mono. Hoe het versturen van een digitale kaart in zijn werk gaat, lees je in een digitale trouwkaart versturen.
Wil je een digitale trouwkaart maken? Op trouwkaarten.online maak je er een in een paar minuten — met online RSVP, een agenda-knop, routenavigatie en een online gastenboek. Ontwerpen is gratis; je betaalt pas als je klaar bent om te versturen. Of maak vrijblijvend een eerste ontwerp en ontdek hoe eenvoudig het is.
Allebei kan. Eén kaart met beide talen werkt goed bij twee talen en een korte tekst, en iedereen krijgt dan hetzelfde. Een aparte kaart per taal is rustiger als er veel praktische informatie op moet of als er meer dan twee talen meedoen.
Daar is geen vaste regel voor. Veel stellen kiezen de taal van het land waar ze trouwen, de taal van de meeste gasten of de taal die ze samen spreken. Het belangrijkste is dat beide talen even groot en even zichtbaar zijn.
Nee. Namen, datum, adressen en tijden zijn in elke taal hetzelfde en kun je één keer vermelden. Vertaal vooral de uitnodigende tekst en de praktische aanwijzingen, zoals hoe gasten kunnen reageren.
Als eerste opzet wel, maar laat de tekst daarna lezen door iemand die de taal als moedertaal spreekt. Een vertaalprogramma mist toon en aanspreekvorm, en een zin die in het Nederlands warm klinkt, kan in een andere taal stijf overkomen.
Ja. De kaarten van trouwkaarten.online draaien op het EventInfo-platform, dat Nederlands, Engels, Duits, Spaans en Frans ondersteunt. Wil je meerdere talen bedienen, dan maak je per taal een aparte kaart in hetzelfde ontwerp en stuur je elke groep gasten de eigen link.